Dit is het eerste boek uit de boeken van de levende schepen.
Althea Vestrit is een vaardersdochter uit Beijerstad. De familie Vestrit is in het bezit van het levende schip 'Vivacia', wat op het punt staat om tot leven te komen. Wanneer de vader van Althea overlijdt en het schip nalaat aan zijn schoonzoon Kyle Haven, wordt Althea van het schip weg gestuurd. Kyle Haven wil van Viviacia een slavenschip maken, om zoveel mogelijk winst te kunnen maken. Wintrow, de zoon van Kyle, wordt tegen zijn zin uit het klooster gehaald waar hij al vanaf zijn jongste jaren verbleef, om mee te varen op Vivacia's eerste reis. Hij krijgt een goede band met het schip.
Althea zweert dat ze haar schip, het schip waarmee ze al vanaf kleins af aan vaart en een band mee heeft opgebouwd, terug zal krijgen. Bresker Trell, haar vaders eerst stuurman, die ook door Kyle van het schip werd gestuurd gaat hierbij een rol spelen.
Hoe het schip, dat net tot leven is gekomen, zal reageren op een reis in het gezelschap van onbekenden en blootgesteld aan het lijden van de slaven in haar ruimen zal nog moeten blijken.
Tegelijkertijd volgt het boek het verhaal van de piraat Kennit, die de ambitie heeft om koning van de pirateneilanden te worden. Om zijn reputatie te vergroten maakt hij jacht op slavenschepen, om de slaven te bevrijden van hun wrede lot en als bondgenoten weer vrij te laten.
Na het lezen van de eerste reeks van Robin Hobb, de boeken van de zieners, was ik eigenlijk niet meer van plan om verder te lezen in haar boeken. Er werd me echter toch geadviseerd om verder te lezen en ik ben blij dat ik dat toch heb gedaan. Tot dusverre is dit toch wel 1 van mijn favoriete fantasy-reeksen. Beijerstad is een stad vol historie en diepgang en ook het mysterie van de levende schepen is erg diepgaand en fascinerend om te lezen. Ik raad de boeken iedereen aan!